Spring ’23 is aangekomen in Salesforce en hiermee komen een heleboel nieuwe functies en verbeteringen die zeker zullen bijdragen aan het vereenvoudigen van de manier waarop je werkt en waarde levert aan je klanten. Of je nu een ervaren ontwikkelaar bent of net begint met het low-code naar pro-code spectrum, er is voor ieder wat wils in deze release.

Een van de opvallende functies in Spring’23 is het DevOps Center, nu algemeen beschikbaar. Dit hulpmiddel biedt een verbeterde ervaring rondom verandering- en releasebeheer, door de best practices uit de DevOps-wereld naar je ontwikkelteam te brengen. Met het DevOps Center kunnen alle ontwikkelaars en admins samenwerken om waarde te leveren aan klanten op een schaalbare en herhaalbare manier. Je kunt veranderingen en releases beheren met het point-and-click-interface, rechtstreeks vanuit je source system of een combinatie daarvan.

Een andere functie is de HTTPCallout Builder, een low-code-functie in bèta. Dit hulpmiddel maakt het gemakkelijker om processen te automatiseren met externe data door Flow Builder-acties te creëren die webgebaseerde service-APIs aanroepen met HTTP Callout. Met de HTTPCallout Builder kun je directe integraties instellen zonder code of een middleware-service, en kun je gemakkelijk data-typen van de JSON-output mappen naar flow-variabelen.

Als je schermen wilt maken met interactieve componenten, dan helpt de Spring ’23 release je met de functie Build Screens with Interactive Components (Beta). Met dit hulpmiddel kun je ondersteunde componenten of je eigen Lightning Web Components configureren om te reageren op veranderingen in andere componenten op hetzelfde scherm. Hiermee kun je schermen bouwen die aanvoelen als single-page-toepassingen en het aantal schermen voor je gebruikers verminderen.

Flow-gebruikers zullen blij zijn dat Lookup Fields nu gemakkelijk kunnen worden toegevoegd aan flow-schermen met Dynamic Forms for Flow. Deze functie stelt je in staat om een ​​record te creëren– direct vanuit het Lookup-veld, waardoor het makkelijker is dan ooit om record-geactiveerde orchestrations te creëren.

Met de verbeterde Conditional Directives in Spring ’23 kun je nu gebruikmaken van lwc:if, lwc:elseif en lwc:else om de legacy if:true en if:else directives te vervangen. Deze directives maken het gemakkelijker om dynamische templates te creëren op basis van bepaalde voorwaarden.

Als je Queueable Jobs met delay wilt plannen, biedt de System.enqueueJob Method in Spring ’23 de mogelijkheid om een vertraging in te stellen bij het plannen, van 0 tot 10 minuten. Deze nieuwe optionele override is een geweldige manier om queueable jobs toe te voegen aan de asynchrone execution queue met een gespecificeerde minimum vertraging.

Tot slot maakt de Dynamically Pass Bind Variables to a SOQL Query-functie in Spring ’23 het gemakkelijker om bindvariabelen in een query te resolven rechtstreeks vanuit een Map-parameter met een key, in plaats van vanuit Apex-codevariabelen. Dit betekent dat de variabelen niet in scope hoeven te zijn wanneer de query wordt uitgevoerd.

Conclusie: Spring ’23 zit boordevol nieuwe functies en verbeteringen die je Salesforce-ervaring naar een hoger niveau zullen tillen. Of je nu een ervaren ontwikkelaar bent of net begint, er is voor iedereen iets in deze release. Dus ga gerust op ontdekkingstocht en ontdek alles wat Spring ’23 te bieden heeft.

Als je op zoek bent naar een CPQ-implementatie, vraag je je waarschijnlijk af hoe lang de implementatie zal duren. Helaas hebben wij niet een eenduidig antwoord op deze vraag. Elke organisatie is anders en elk zal zijn eigen unieke behoeften en eisen hebben. Over het algemeen kun je binnen enkele maanden een MVP opleveren en daarvandaan verder bouwen. Als je de verkoopprocessen bij je bedrijf wilt verbeteren zet dan genoeg tijd opzij voor een succesvolle CPQ-implementatie.

Bij CaseNine is ons typische CPQ-implementatieproces verdeeld in vijf fasen. We zullen de fasen hier doornemen om je te helpen te begrijpen hoe het proces verloopt en een idee te krijgen van hoe lang het voor jouw organisatie zal duren.

Fase 1 – Ontwerp van de CPQ-implementatie

Projectopzet

De ontwerpfase van elk softwareoplossing proces is cruciaal. De eisen voor het project worden gedefinieerd en we maken een plan om aan die eisen te voldoen.

Als deze fase niet correct en grondig wordt uitgevoerd, kan dit leiden tot veel problemen op de lange termijn, zoals gemiste deadlines, onvolledige of onjuiste oplossingen en ontevreden klanten. Daarom is het belangrijk om ervoor te zorgen dat we een duidelijk begrip hebben van jouw behoeften.

 

Team samenstellen

Een van de belangrijkste aspecten van een CPQ-project is het samenstellen van het juiste team. Zodra we een goed beeld hebben van jouw behoeften, beginnen we met het samenstellen van het team dat het best geschikt is om aan die behoeften te voldoen. Onze experts beschikken over ervaring in CPQ en aanvullende technologieën, dus ze zijn goed in staat om zelfs de meest complexe projecten aan te kunnen. En omdat we het Agile ontwikkelingsproces gebruiken, kan ons team snel aanpassen aan veranderingen en ervoor zorgen dat het eindproduct aan alle verwachtingen van onze klant voldoet.

Jouw quote proces definiëren

Elke organisatie heeft een andere benadering van quoteren en contractbeheer. We werken samen met jouw bedrijf om te begrijpen hoe jouw quote proces eruitziet. We moeten jouw proces grondig begrijpen om een oplossing te creëren die naadloos in jouw omgeving kan worden geïmplementeerd.

Minimum Viable Product (MVP)

Bij het ontwerpen van een nieuw product is het cruciaal om het Minimum Viable Product (MVP) te identificeren. Deze productversie heeft de essentiële functies en functionaliteit, maar is uitgekleed tot het absolute minimum. Met de MVP kunnen we het product zo snel mogelijk testen via user stories om feedback te krijgen en verbeteringen aan te brengen voordat we te veel tijd en middelen in het eindproduct steken.

Natuurlijk kan het bepalen van wat er in het MVP zit een uitdaging zijn, maar het is wel een essentieel onderdeel van het productontwikkelingsproces. Door de tijd te nemen om het MVP vroegtijdig te identificeren, kunnen we onszelf op de lange termijn veel tijd en moeite besparen. De MVP is een goed startpunt om op verder te bouwen.

Fase-deliverables

Als we aan het einde van deze fase komen, zullen we een set deliverables voorbereiden die ons helpen verder te gaan met het project. Deze deliverables omvatten projectopzet en afbakening, methodologie, Scrum bord opzet, projectdekking, een concept van Scrum sprints en een story map.

Als dit klaar is, krijgen we een veel helderder beeld. Hierdoor kunnen we ook onze sprints efficiënter plannen en uitvoeren. Onze baseline wordt gedefinieerd waarmee we onze voortgang kunnen volgen en ervoor zorgen dat we de juiste progressie maken richting voltooiing.

 

Fase 2 – Voorbereiden

Productontwerp

Nu het CPQ-project is gemapped en ontworpen, is de volgende stap om de daadwerkelijke CPQ-implementatie te ontwikkelen. Dit zal betrekking hebben op het uitwerken van het productmodel, het definiëren van de regels en logica die productselectie beheersen en het definiëren van de API’s.

Prijsmethode

We definiëren nu duidelijk de prijsmethode. Er zijn verschillende prijsmethode beschikbaar in zowel Salesforce CPQ als Salesforce Industries CPQ. Salesforce Industries CPQ, onze primaire focus, biedt prijsmethodes zoals regel gebaseerde prijsstelling, prijslijsten, loyaliteit en attributen gebaseerde prijsstelling. De beste keuze kan variëren per individueel product of service.

CI/CD Pipeline

De CI/CD Pipeline is een reeks stappen die worden uitgevoerd om nieuwe software te leveren. De eerste stap is het opzetten van de softwareleverings-pipelines voor de klant. Met de CaseNine Library hebben we al alle tools en systemen klaarstaan om snel op gang te komen. Daarna stellen we continuous integration in wanneer wijzigingen in een gedeelde repository worden geïntegreerd. Hierdoor wordt automatisch getest en krijgen we vroegtijdig feedback als er problemen zijn met de code. Hoe eerder je problemen opmerkt, hoe sneller we ze kunnen oplossen. 

De volgende stap is continuous deployment, wanneer de code automatisch wordt geïmplementeerd in een productieomgeving. Door deze methode te gebruiken, kunnen we snel updaten en het risico op fouten verminderen. Ten slotte zorgt continue monitoring ervoor dat het systeem correct functioneert en dat er geen fouten worden gemaakt. Door deze stappen te volgen, kunnen we ervoor zorgen dat de nieuwe CPQ-implementatie snel en efficiënt wordt geleverd.

 

Deployment modellen

Het deployment model dat we kiezen voor ons integratieproces hangt af van verschillende factoren, waaronder de grootte en complexiteit van het project, de beschikbare middelen en de tijdslijn.

Meestal beginnen we met het leveren van een enkel-productoplossing. Deze aanpak stelt ons in staat om het project snel op te starten. Daarna voegen we stapsgewijs extra producten en diensten toe. In de meeste gevallen is dit de meest efficiënte en foutloze aanpak, vooral als je offerte- of productcatalogus groot of complex is.

In sommige gevallen kan een complexer deployment model vanaf het begin noodzakelijk zijn. In deze situaties werken we samen met onze klanten om de beste oplossing voor hun behoeften te identificeren.

Begrip van je omgeving

Veel organisaties gebruiken Salesforce als hun CRM-platform vanwege de flexibiliteit en aanpassingsmogelijkheden. Dit kan echter ook een uitdaging zijn bij het ontwerpen en bouwen van een CPQ-implementatie.

Om een CPQ-oplossing te creëren die aan je specifieke behoeften voldoet, moeten we grondige kennis hebben van jouw Salesforce-omgeving. Van hoe je gegevens opbouwt tot de specifieke processen en praktijken van je organisatie.

Fase Deliverables

We zijn bijna aan het einde van deze ontwikkelingsfase, wat betekent dat we veel deliverables moeten afronden. We hebben een pipeline klaar om software te leveren, systeemtoegang, mapping tussen systemen.

Hoewel dit een informatie-intensieve projectfase is, is het ook een van de meest belonende fases. We zien ons harde werk zijn vruchten afwerpen en beginnen met het gebruiken van de software die we hebben ontwikkeld. We zien ook hoe goed ons systeem samenwerkt met andere systemen.

 

Fase 3 – Bouwen van de CPQ-implementatie

Sprints

We zijn nu in het midden van het traject, en het is tijd om aan de slag te gaan. We hebben de meeste informatie en processen verzameld die we nodig hebben en we hebben onze sprints gedefinieerd. 

Validatie van gebruikersverhalen

Aangezien we, net als de meeste tech-bedrijven, werken in Agile, zijn user stories een belangrijk onderdeel van ons proces. Om ervoor te zorgen dat onze user stories juist zijn, moeten we ze regelmatig valideren. Je product owner moet in contact blijven met de relevante stakeholders om te zien of het verhaal nog relevant en waardevol is. Als dit het geval is, kunnen we doorgaan met het bouwen ervan. Als dat niet het geval is, moeten we de story aanpassen of uitstellen of helemaal afschaffen. Onze user stories blijven doelgericht met behulp van dit proces, waardoor we altijd aan de belangrijkste zaken werken.

Uitlijning met de business

We zullen contact opnemen met de juiste stakeholders om er zeker van te zijn dat onze softwareoplossing op de juiste manier is uitgelijnd met de business en hun behoeften. We willen er zeker van zijn dat we de juiste CPQ-implementatie voor elk bedrijf op maat maken.

Opleveren

We hebben nu goed geteste en werkende software. We hebben user stories gevalideerd en de producten gebouwd. Nu is het tijd voor de implementatiefase. We zullen een werkende softwareoplossing, een test- en validatie rapport en een implementatieplan voor de eindoplossing aanbieden. 

 

Fase 4 – Implementatie

Story implementeren

Door gebruik te maken van de Continuous Integration / Continuous Deployment-methode, kunnen we snel en efficiënt wijzigingen aanbrengen in onze software zonder onze gebruikers te verstoren. We houden onze software up-to-date met de nieuwste functies en bugfixes door wijzigingen automatisch te integreren en te implementeren.

Deze methode helpt het risico op fouten en downtime te verminderen door wijzigingen automatisch te testen en te implementeren. Als gevolg hiervan is het gebruik van de Continuous Integration / Continuous Deployment-methode een essentieel onderdeel van ons ontwikkelingsproces.

Gebruikerstraining

Nu we het CPQ-product hebben gebouwd, moeten we het opleidingsproces voor jouw organisatie starten. Dit proces is belangrijk om ervoor te zorgen dat alle belanghebbenden goed zijn opgeleid om het product te gebruiken en de documentatie te begrijpen. We zullen de belanghebbenden instrueren hoe ze het product moeten gebruiken en zorgen dat ze het begrijpen. We zullen ook documentatie voor het product verstrekken zodat ze het kunnen raadplegen wanneer nodig.

Na het trainen van je medewerkers op de software, geven wij de verantwoordelijkheid voor het beheer van het systeem terug aan jou. Dit omvat het verplaatsen van alle gebruikersgegevens en configuraties naar de cloud. Zodra de overdracht is voltooid, kun je het systeem beheren met dezelfde tools en processen die wij gebruiken. Wij zullen ook een volledige set documentatie aanleveren.

Fase 5 – Succesvolle implementatie

Demos

Tijdens de demo’s zullen de processen, stroming en efficiëntie van de software voor je demonstreren. Met de oplossing zul je in staat zijn om sneller the offreren. Kortom, je zult in staat zijn om jouw bedrijf naar een hoger niveau te brengen.

Terugkoppeling

Nu alle verkoopmedewerkers de software gebruiken, kunnen we beginnen met het verzamelen van feedback en het maken van nieuwe user stories. Het is normaal dat er veranderingen en aanpassingen zijn zodra de software volledig is uitgerold. Wij zullen nauw samenwerken met het verkoopteam om feedback te verzamelen en nieuwe user stories te valideren.

Opvolging

Bij CaseNine is ons software engineering team dedicated aan het bieden van de best mogelijke service aan onze klanten. Wij begrijpen dat jouw bedrijfsbehoeften snel kunnen veranderen en wij zijn altijd hier om je te helpen jouw software up-to-date te houden. Onze engineers zullen contact met je opnemen om eventuele problemen of updates te bespreken die aangepakt moeten worden.

Wij waarderen jouw input en feedback en zullen samen met je werken om ervoor te zorgen dat jouw software altijd aan jouw behoeften voldoet. 

Conclusie

Het implementeren van een CPQ-oplossing kan een overweldigende taak lijken, maar ons team van experts bij CaseNine is hier om het proces zo soepel en efficiënt mogelijk voor jou te maken. Ontdek de antwoorden op de 10 meest gestelde vragen van onze huidige klanten en verbeter je project succes. Download Project Handout met praktische tips vandaag.

Mocht je nog vragen hebben of direct een CPQ-project willen starten, aarzel dan niet om contact met ons op te nemen.Wij kijken er naar uit om meer te horen!

Let me introduce you to OmniStudio FlexCards. Do you know what Lightning Web Components are? They are UI components you can use in Salesforce to make your interface awesome. They also enable you as a  developer to properly build components. With FlexCards you can build ‘without being a developer’. This way you can make your own custom Lightning Web Components (LWC). Find out everything you need to know.

Not too long ago I started using FlexCards and I am very happy with FlexCards. Let me tell you, it’s really easy. Our team just finished creating a list of FlexCards to replace a related list. The related list used to be static. You cannot change much about it, other than which fields and which order. However, with a FlexCard, you can make it as dynamic as you like. Create a record with a certain status that displays as a red field to draw the user’s attention? No problem.

Enhanced control

An example: for one of our clients I have just implemented a FlexCard to display a list of quotes in OmniScript. We needed a more fancy way of showing a data table. The default edit block in OmniScript was too limited. We opted to integrate a FlexCard with a data table. This way we gained more control over the table style and column widths. As a result we could display more columns in the table.

Let me describe another example of how we use FlexCards. For a client project, we used it to add more dynamic logic to object pages. For example, show the live stock information on an Account page. Do you want to show related information on your order object page? No problem with FlexCards.

Getting started

My advice would be to try using FlexCards if you have a need to create a custom LWC. It’s not too hard. When you want to learn more about FlexCards, there are good modules on Trailhead to start learning. Especially when you already are using Salesforce Industries, Vlocity or OmniStudio: it comes within the package.

Just start today:  try to build a FlexCard. In this article I just made a start on what’s possible with FlexCards. There are many more possibilities. Also, FlexCards nicely integrates with DataRaptor and Integration Procedure to retrieve data from Salesforce or from outside, using APIs. You can also integrate with OmniScript. This one is special: you can integrate a FlexCard in an OmniScript, but you can also start an OmniScript from a FlexCard.

Tutorial on how to create your very first OmniStudio FlexCard

To wrap things up

FlexCards are a great tool to build components without being a developer. You can use FlexCards in many situations and they make it easier to build custom Lightning Web Components.

If you have any questions, contact us or follow our page here for weekly updates.

CASENINE SPOTLIGHT SERIES

In gesprek met: Theodoor van Donge, Lead Software Engineer bij CaseNine

Hoe komt het dat de ene integratie een succes is, terwijl een ander integratietraject voor onnodige kopzorgen zorgt? Er bestaan een paar geheimen die bijdragen aan een succesvol integratietraject. Theodoor van Donge, Lead Software Engineer bij CaseNine, zet ze overzichtelijk op een rij én deelt interessante tooling die van pas komt.

Welke stappen zijn belangrijk voor een geslaagde integratie?

“Voor elke integratie geldt dat het belangrijk is om een goed te kijken naar de gebruikers. Zorgt voor een helder antwoord op de vraag wat er aan functionaliteit nodig is. Betrek een Software Architect vroeg in het traject, zodat je al direct profiteert van deze expertise. Gezamenlijk stel je een gedetailleerde mapping op. Je neemt belangrijke zaken door, bijvoorbeeld hoe het landschap eruit ziet, maar ook hoe de applicaties onderling met elkaar communiceren. Het loont om uit te gaan van een modulaire insteek, zodat je de mogelijkheid behoudt om de individuele componenten in een later stadium van elkaar los te koppelen. Dat ontkoppelen is belangrijk en wordt in de praktijk wel eens onderbelicht. De reden hiervoor is simpel: software is houdbaar. In de praktijk zien we vaak een technische levensduur van 5 tot 10 jaar. Er kan een moment komen waarop je graag wilt ontkoppelen, bijvoorbeeld bij een overstap naar een concurrent. Bij een modulaire aanpak behoud je die flexibiliteit. Een Event-Driven architectuur kan hierbij helpen.”

“Zorg voor een goede planning en duidelijk overzicht van prioriteiten. Je voorkomt hiermee dat afdelingen op elkaar moeten wachten, bijvoorbeeld voordat een testfase kan beginnen. Je maakt dan onnodige kosten.”

Hoe vergroot je de kans op een succesvolle live-gang?

“Het grondig testen van de technologie is een belangrijke basis voor succes. In de testfase kun je gebruik maken van een simulator om de koppelingen te testen. Een simulator is de logische keuze. Een voor de hand liggende verklaring is uiteraard dat je niet zomaar de testomgeving koppelt aan productie. Een simulator zorgt er bovendien voor dat er minder afhankelijkheid is. Je kunt dan bijvoorbeeld alsnog testen, ook als de andere component nog niet gereed is.”

Uit welke handige tools bestaat de toolbox die bij integraties van pas komt?

“Bij CaseNine maken we gebruik van uiteenlopende tooling. MuleSoft (www.mulesoft.com) biedt herbruikbare API’s en integraties, die tijdens de ontwikkeling goed van pas komen. MuleSoft Anypoint Platform is het integratieplatform van MuleSoft voor SOA, SaaS en API’s. Voor het testen en debuggen van -integraties is RequestBin (www.requestbin.com) een goede keuze. Je kunt met RequestBin een endpoint opzetten en vervolgens HTTP-requests van verschillende bronnen ontvangen en inspecteren. Daarbij kun je eenvoudig zaken als header en payload inzien. Voor het efficiënt testen van API’s komt SoapUI (www.soapui.org) van pas. Voor het bouwen en gebruik van API’s werken we bij CaseNine ook met Postman (www.postman.com). Postman is een API-platform waarmee developers ook kunnen samenwerken tijdens de ontwikkeling van een API. Het bestaan onder meer uit een API Repository, waarmee je verschillende teams toegang geeft tot de code. Ook biedt Postman een set tools die je onder andere kunt gebruiken bij het ontwikkelen, testen en documenteren van API’s.”

Bestaan er nog meer tools die in de praktijk van pas komen?

“Voor het monitoren en het inzichtelijk houden van Elasticsearch-gegevens, kun je gebruik maken van Kibana (https://www.elastic.co/kibana/). Als het gaat om documentatie van het project, kun je in de praktijk uiteenlopende tooling inzetten. Dat is ook afhankelijk van de situatie bij de opdrachtgever. We maken bijvoorbeeld gebruik van Confluence  (https://www.atlassian.com/software/confluence), maar ook van Microsoft Office-oplossingen, zoals Excel en SharePoint. Ook leent een wiki-platform zich goed voor het opzetten van de juiste documentatie. Bij documentatie gaat het niet zo zeer om de gebruikte tooling, maar meer om het feit dat je de juiste aandacht geeft en ‘effort’ steekt in het opzetten van goede documentatie.”

Hoe herken je een goede integratie?

“Elke integratie is uiteraard uniek en heeft eigen kenmerken. Toch kun je een degelijke integratie herkennen aan een paar terugkerende pijlers. Allereerst is de mapping op orde en is er actuele documentatie aanwezig van de integratie. Documentatie helpt onder meer bij het beheer en zorgt ervoor dat andere projectleden – eventueel op een later moment – efficiënt wijzigingen in het project kunnen aanbrengen. Bovendien helpt documentatie ook bij het testen. Bij een goede integratie is ook de veiligheid op orde: berichten worden veilig verzonden en de kans op een ‘man in the middle’-aanval is beperkt. Uiteraard wordt er gewerkt met logins. Controle op de veiligheid en de prestaties in het algemeen is ook van belang: dat betekent dat bij een goede integratie de monitoring altijd op orde is. Zo kun je snel ingrijpen op momenten dat het nodig is en proactief bijsturen. Ook voor traceability is deze aanpak van belang.”

TIP: Het belang van goede documentatie

Zorg altijd voor goede documentatie. Hierin wordt onder meer beschreven hoe de integratie is gebouwd en hoe deze werkt.

Zijn er nog andere punten waarmee een goede integratie opvalt?

“Het is verder belangrijk dat je gebruik maakt van een toekomstbestendige integratie-architectuur. Daarmee haal je het maximale uit je investering en zorg je dat flexibel bent bij eventuele aanpassingen in de toekomst. Tot slot helpt het gebruik van een modern berichtformaat er ook voor dat je de snelheid waarmee je de integratie realiseert, zo hoog mogelijk houdt.”

Meer weten over de mogelijkheden van een degelijk integratietraject? Neem direct contact op voor een gesprek of download het Sales Slide Deck. In het Sales Slide Deck zijn de voordelen van belangrijke onderwerpen, zoals Shared DevOps en CPQ,  beknopt gepresenteerd. Gebruik dit deck als je meer wilt weten over het onderwerp of binnen je organisatie met anderen het gesprek aangaat.

Salesforce biedt een nieuwe CRM-ervaring die speciaal is ontworpen voor verschillende verticals. Jouw bedrijf en branche hebben verschillende behoeften waaraan standaard Salesforce niet altijd kan voldoen. Met deze nieuwe Cloud-applicaties biedt Salesforce een complete ervaring die voldoet aan de behoeften van de branche waarin jij actief bent. We gaan kijken naar de verschillen tussen Communications vs E&U Cloud.

De Basics

Salesforce is uitgeroepen tot leider in het Gartner Magic Quadrant 2021 voor CPQ. En nu willen ze oplossingen bieden die beter zijn afgestemd op hun klanten. Als jouw bedrijf zich in de telecomsector bevindt en momenteel een standaard Salesforce CRM-organisatie heeft, loop je veel functies mis die werknemers en klanten kunnen helpen. Mogelijk moet je ontwikkelaars vragen om aangepaste tools en applicaties te bouwen om aan de behoeften te voldoen. Met de branchespecifieke Cloud-applicaties brengt Salesforce deze functies out-of-the-box naar jouw organisatie.

In dit artikel kijken we naar de Communications Cloud en de Energy and Utilities Cloud. Wat is het verschil? Het zit al in de naam. De ene is voor organisaties in de communicatie-industrie en de andere is voor de energie- en utilitysector. Maar ze delen allebei veel functies. Omnistudio, CPQ en de Enterprise Product Catalog (en meer) komen bijvoorbeeld inbegrepen in beide oplossingen. Maar welke functies zijn uniek?

 

Communications Cloud eenvoudig uitgelegd

Salesforce Customer 360 wordt uitgebreid met Communications Cloud om een ​​oplossing op maat te bieden voor de communicatie/telecom sector. Het helpt bedrijven bij het ondergaan van een digitale transformatie, zodat ze nieuwe, industriestandaard klantervaringen kunnen bieden en tegelijkertijd de operationele effectiviteit kunnen maximaliseren.

Communications Cloud levert Enterprise Product Catalog, CPQ, Digital Commerce, Contract Management, Order Management en Retail Clienteling-applicaties, en honderden kant-en-klare bedrijfsprocessen, productmodellen en integraties.

Business-to-consumer (B2C), business-to-business (B2B) en wholesale markets worden allemaal ondersteund door de kant-en-klare processen, integraties en datamodellen van Communications Cloud. Met een catalogus gestuurde, modulaire aanpak die voldoet aan de normen van de telecomindustrie, ondersteunt het digital-first trajecten en levert het perfecte Orders. Bekijk de onderstaande afbeelding voor een samenvattend overzicht van alle functies die je in Communications Cloud krijgt:

Image: Communications Cloud application overview

Energy & Utilities Cloud eenvoudig uitgelegd

Energy & Utilities is een verzameling sectorspecifieke toepassingen waarmee B2B- en B2C-klanten in de marktsegmenten stroom, gas, water, warmte, waste en hernieuwbare energie producten en diensten kunnen verkopen en ondersteunen.

Het maakt gebruik van de omnichannel-mogelijkheden van Salesforce en biedt een heel portfolio van industriële bedrijfsprocessen via alle kanalen voor klantbetrokkenheid (bijv. meterstanden, nieuwe aansluitingen en vragen over facturering).

Door het gebruik van standaard Salesforce-tooling en geavanceerde integratietools zoals Omnistudio DataRaptors en Omnistudio Integration Procedures, kan het snel en eenvoudig worden gekoppeld aan gangbare bedrijfssystemen van third-parties.

Bekijk de afbeelding hieronder voor een samenvattend overzicht van alle functies die je in E&U Cloud krijgt:

Image: E&U Cloud application overview

De verschillen

Beide cloudoplossingen delen een aantal functies, zoals CPQ, OmniStudio, Order Management en meer. Maar er zijn een paar belangrijke verschillen om te bepalen welk pakket het beste bij jouw bedrijf past.

Elke cloudoplossing heeft vooraf gebouwde en vooraf geconfigureerde tools voor de branche. Ze hebben dit allebei (voor hun specifieke branche):

Bovendien hebben beide Cloud-oplossingen hun eigen applicaties die specifiek zijn gebouwd voor hun branche. Hier zijn enkele van de hoogtepunten en functies waarmee ze worden geleverd:

E&U Cloud highlights:

Communications Cloud highlights:

Image: key differences between both Cloud applications

Conclusie

Deze branchespecifieke functies, bovenop de gedeelde functies zoals CPQ, Omnistudio, Orderbeheer en meer, maken de oplossingen echt uniek en op maat gemaakt voor de branche waarin je je bevindt. Als je in een van deze twee branches actief bent en jouw organisatie ‘gewoon’ de standaard Salesforce CRM gebruikt, zou je jezelf kunnen afvragen of Salesforce wel het juiste platform voor jouw organisatie is: het is namelijk een generieke sales applicatie en platform met mogelijkheden voor maatwerk, maar het past nog niet direct bij jouw modellen en processen. Maar wanneer je de juiste cloudoplossing voor jouw branche gebruikt, upgrade je in één stap de hele organisatie, van verkoopagenten tot ontwikkelaars, met de juiste tools.

Op de hoogte blijven van het laatste Energy & Utilities nieuws? Via de Markt Trend Series houden we je regelmatig op de hoogte van de belangrijkste ontwikkelingen in de markt. De Markt Trend Series Cheat Sheet bundelt alle belangrijke informatie, zodat je in één oogopslag ziet wat er écht toe doet. Download Markt Trend Series vandaag.

Of wil je meer weten over de voordelen van een Salesforce Industries-oplossing in de praktijk? Lees meer achtergrondinformatie op onze website of contact ons direct voor een consult.

Of volg ons op LinkedIn.

Salesforce brengt drie keer per jaar nieuwe updates voor hun platform uit. De Energy & Utilities Cloud is een belangrijk onderdeel van de catalogus van Salesforce Industries. Bij elke release publiceert CaseNine een samenvatting, zodat je snel en gemakkelijk een overzicht kunt krijgen van de belangrijkste verbeteringen, functies en bugfixes zonder dat je de volledige release-opmerkingen hoeft door te nemen (wat nog steeds een geweldige plek is om meer in detail te leren! Klik hier om ze te zien). In deze blogpost gaan we kijken naar de E&U Cloud Summer ’22 Release.

Twee belangrijke nieuwe functies

In deze Summer ’22-release van E&U Cloud heeft Salesforce twee nieuwe functies aan het pakket toegevoegd:

Blijf lezen om meer te weten te komen over deze twee nieuwe functies en waarom ze belangrijk kunnen zijn voor je bedrijf.

Contactcentrumconsole voor energie en utility-voorzieningen

De E&U Contact Center Console is een feature die al een tijdje onderdeel uitmaakt van het E&U Cloud pakket. Het is ook beschikbaar voor de door Salesforce Industries beheerde pakketten Communication, Media en Energy. In deze release krijgen we enkele welkome verbeteringen aan de console.

Er is veel aandacht besteed aan het verbeteren van de ervaring van agenten:

Verhoog klantbetrokkenheid met Utility Self-Serve Portal

Beheerders kunnen nu het nieuwe zelfbedieningsportaal configureren. Dit is een portaal voor klanten en biedt een naadloze ervaring die de werkdruk voor serviceagenten vermindert. Enkele van de belangrijkste kenmerken zijn:

Bronnen

Gebruik de onderstaande bronnen voor meer informatie:

Dit is allemaal out-of-the-box content die naar de Energy & Utilities Cloud komt. Meer weten over de Utility Self-Serve Portal? Neem contact met ons op.

Op de hoogte blijven van het laatste Energy & Utilities nieuws? Via de Markt Trend Series houden we je regelmatig op de hoogte van de belangrijkste ontwikkelingen in de markt. De Markt Trend Series Cheat Sheet bundelt alle belangrijke informatie, zodat je in één oogopslag ziet wat er écht toe doet. Download Markt Trend Series vandaag.

Dreamforce ’22 maakte zijn debuut en onthulde een aantal geweldige nieuwe producten en ontwikkelingen van Salesforce (en partners). Een van de meest opvallende nieuwe producten die werden aangekondigd, waren Salesforce-genie en Salesforce Net Zero Cloud en Marketplace.

Salesforce-genie

genieImage: Salesforce Genie a hyper-scale, real-time data platform

Salesforce noemde Genie de “grootste innovatie” in de afgelopen twintig jaar van Salesforce. Genie is een hyper-scale, real-time dataplatform dat draait op de openbare Hyperforce-cloudinfrastructuur die zich bevindt op openbare cloudproviders zoals AWS, Microsoft Azure, Google Cloud Platform en Alibaba. Het maakt gebruik van een data lake-architectuur die is gebouwd via de onlangs verbeterde samenwerking van Salesforce met cloud datawarehousing-specialist Snowflake. Genie neemt traditioneel geïsoleerde informatie en levert deze snel met behulp van ingebouwde connectoren tot één multifunctioneel profiel. Dit maakt een real-time klantervaring als nooit tevoren mogelijk door gegevens automatisch en snel te verplaatsen naar waar ze nodig zijn.

Salesforce Net Zero Cloud (+ Marketplace)

net zero cloud Image: Net Zero Cloud

Salesforce is al jaren toonaangevend op het gebied van ecologische duurzaamheid. Dat hebben ze nieuw leven ingeblazen door toewijding aan het milieu door Net Zero Cloud en Marketplace te creëren.

Net Zero-Cloud

Net Zero Cloud maakt het voor bedrijven eenvoudiger om hun duurzaamheidsgegevens te beheren en het automatiseren van emission-tracking van hun leveranciers, naast andere duurzaamheidsfactoren.

Net Zero-Marketplace

Net Zero Marketplace helpt kopers in contact te komen met ecopreneurs en biedt een nieuw e-commerceplatform voor het kopen van hun diensten en producten.

Andere ontwikkelingen

Industriegerichte Slack-services.

Salesforce biedt nu branchegerichte Slack-services via partnerschappen met organisaties zoals Atrium. Atrium biedt een Slack-product gericht op vermogens- en vermogensbeheerders, waar werknemers gegevens kunnen delen met behulp van Slack.

Hyperforce

Hyperforce is een platform dat Salesforce Cloud-producten veilig levert aan een groot publiek clouds, waaronder AWS, Azure en Google. Het is een nieuwe verbeelding van het platform om het meer betrouwbaar en veilig te maken.

Slank canvas
Slack canvasImage: Slack Canvas (beta)
Salesforce heeft aangekondigd dat Slack Canvas volgend jaar komt, een nieuw interface voor Slack klanten waar werknemers resources kunnen beheren, organiseren en delen. Voorlopig is Canvas in preview.

In conclusie

Dreamforce was zoals altijd een geweldig evenement dit jaar. Het bracht veel spannends met zich mee, nieuwe ontwikkelingen en nieuwe producten. In de komende weken zullen meer sessies live beschikbaar zijn via Salesforce+.

Wil je meer weten over de voordelen van een CPQ-oplossing in de praktijk? Lees meer achtergrondinformatie hier of Neem contact met ons op voor een consult.

 

Als onderdeel van de integratie van Vlocity in Salesforce, heeft Salesforce documentatie naar zijn platform verplaatst. Een van de veranderingen die Salesforce doorvoert als gevolg van deze overname, is het migreren van een deel van de Help-inhoud van Vlocity-documentatie naar de sectie Help en training van Salesforce.

Op dit moment gaan twee hoofdsecties naar Help en training, OmniStudio en Vlocity-documentatie.

CaseNine Blog Templates 5

1. OmniStudio-documentatie wordt verplaatst op 7 oktober 2022

Alle documentatie over OmniStudio zal op 7 oktober 2022 beschikbaar zijn op SF Help en Training.

2. Vlocity-documentatie verhuist op 17 oktober 2022

Alle cloudcontent van Vlocity Industries, inclusief aankomende content voor de release van Winter 2023,zal beschikbaar zijn op SF Help en Training.

3. Bladwijzers moeten worden bijgewerkt

Al jouw docs.vlocity.com-bladwijzers moeten worden bijgewerkt naar https://help.salesforce.com/s/products/additionalproducts op elk moment na 17 oktober 2022.

4. Definitieve toegang

De laatste dag dat deze secties beschikbaar zullen zijn op Vlocity is 31 oktober 2022. Daarna moet je jouw bladwijzers laten wijzigen en moet je gaan wennen aan Salesforce Help en Training.

5. Wat verplaatst er niet?

De Process Library en Vlocity University gaan nog niet verhuizen. Verwacht in de toekomst een aankondiging.

Deze stap is geweldig nieuws voor iedereen die tijd heeft besteed aan het navigeren door het Helpcentrum van Vlocity, aangezien Salesforce al lang bekend staat om hun superieure tools en gebruiksgemak bij het snel vinden van de informatie die je nodig hebt.

Met zijn goed georganiseerde zoekfuncties, intuïtieve lay-out en een breed scala aan nuttige artikelen en tutorials biedt het Help-platform van Salesforce een onverslaanbare gebruikerservaring om je te helpen snel te vinden wat je zoekt. Bovendien maakt de community-ondersteuningssectie het gemakkelijk om in contact te komen met andere gebruikers die met soortgelijke uitdagingen zijn geconfronteerd of gewoon ideeën en best practices willen delen.

Als je op zoek bent naar het laatste Salesforce-nieuws en branche-inzichten, abonneer op onze blog. Door op de hoogte te blijven van het laatste nieuws trends en ontwikkelingen in de Salesforce-wereld sta je altijd klaar om elke uitdaging aan te gaan. Of je nu op zoek bent naar tips voor het implementeren van nieuwe verkoopstrategieën of meer wilt weten over het gebruik van Salesforce Industries-functionaliteit, je vindt alle informatie die je nodig hebt in je inbox.

 

Salesforce Industries stopt met het gebruik van AngularJS dat langzaam maar zeker zal worden uitgefaseerd. Als gevolg hiervan migreren we van de oude Product Console naar de nieuwe glanzende Product Designer. Theodoor van Donge, lead software-engineer bij Casenine, weet welke migratievalkuilen je kunt verwachten. En hoe je ze kunt vermijden.

Om te beginnen kun je door de handleiding lezen https://docs.vlocity.com/en/Deploy-Industries-CPQ-in-LWC.html. Maar let op, er zijn handleidingen voor alle versies. We ontdekten dat er nog veel dingen zijn die niet in de handleiding staan ​​en die moeten worden opgelost. In dit artikel ga ik mijn ervaring delen en geef ik best practices voor een soepel Product Designer-proces.

migration

Valkuil 1: problemen met VlocObjAttrsFields

In de Product Console hadden we de attributen toegewezen aan producten, maar niet individueel aan de lay-out. We hebben de attributen bekeken met behulp van de aangepaste weergave genaamd “VlocObjAttrsFields”.

Screen Shot 2022 07 26 at 2.33.37 PM

Ik ontdekte dat aangepaste weergaven niet worden ondersteund in de Product Designer. Daarom moesten we alle attributen en velden handmatig toewijzen aan de design time layouts voor de Product Designer.

DESKUNDIG ADVIES:

Mijn advies is om niet de aangepaste weergave van VlocObjAttrsFields te gebruiken, maar direct toe te wijzen aan de design time layout.

Valkuil #2: Ontbrekende lay-outs

Tijdens de migratie kwamen we erachter dat we voor sommige van onze producten design time layouts misten. Waarschijnlijk zijn ze gemaakt, maar zijn we vergeten ze naar Git te pushen.

DESKUNDIG ADVIES:

Zorg ervoor dat je alle wijzigingen doorvoert in Git. Maar nu we zijn gemigreerd naar de product Designer, is het belangrijk om dit goed te doen. Dus hebben we de lay-outs handmatig gemaakt voor die producten die een lay-out misten.

Valkuil 3: attributen toegewezen aan producten, maar niet aan objecttypespecificaties

Ik maakte me hier al een beetje zorgen over, maar tijdens de voorbereiding van de migratie merkte ik dat we dit moesten oplossen. Aan nogal wat van onze producten waren attributen toegewezen die niet waren toegewezen aan de geïmplementeerde objecttypespecificatie. We zijn waarschijnlijk vergeten die aan Git toe te voegen.

DESKUNDIG ADVIES:

Je kunt handmatig analyseren welke producten en attributen defect zijn, maar gelukkig hebben we een SFDX Plugin gemaakt om dit eenvoudig voor je te analyseren https://www.npmjs.com/package/@casenine/sfi-healthcheck.

Valkuil 4: verouderde min- en max-validatie van attributen van het type nummer

Tijdens de testfase kwamen we erachter dat sommige productpagina’s niet wilden laden. Na veel debuggen kwamen we erachter dat we een oude validatiemethode gebruikten voor nummer- (& valuta-) attributen.

Screen Shot 2022 07 26 at 2.34.45 PM

Na overleg met ondersteuning via casus en hulp van Carlos Alonso Rodriguez zijn we ervan bewust geworden dat deze functionaliteit vanaf 2017 is afgeschaft. We konden niet veel doen, het feit negerend dat de productontwerper niet voor deze producten werkte. Dit zal een probleem worden met de introductie van de nieuwe LWC Cart, die ook de min/max validatie niet ondersteunt.

DESKUNDIG ADVIES:

Dus we moesten dit natuurlijk oplossen. We hebben een paar oplossingen ontdekt:

Als je de eenvoud van de oude min & max validatie ook leuk vond, steun ons dan en stem op dit idee op de IdeaExchange: https://ideas.salesforce.com/s/idea/a0B8W00000J5aEoUAJ/min-max-validation-for-attributes

Na het leegmaken van het veld ValidValuesData__c hebben we ons probleem opgelost en werden de productpagina’s opnieuw geladen.

migration

Valkuil 5: Attributen toegewezen aan Producten en/of objecttypespecificaties maar niet aan de design time Product2 Objecttype

Dit was voorheen geen groot probleem, maar we hadden vreemde issues die we niet konden ophelderen. Maar met behulp van deze leuke SFDX-plug-in https://www.npmjs.com/package/@casenine/sfi-healthcheck kwamen we erachter dat we wat dataproblemen hadden. Sommige attributen zijn niet van toepassing gemaakt op het objecttype Product2. Na het oplossen van dit probleem zijn veel issues hiervan verholpen.

Valkuil 6: Attribuutcategorieën niet geschikt voor producten

We hadden problemen waarbij we de attributen niet konden koppelen aan de productlay-outs in de ontwerptijd.

DESKUNDIG ADVIES:

We hebben de oorzaak van deze problemen gevonden doordat de velden vlocity_cmt__ApplicableTypes__c niet op de waarde Product2 stonden en hetzelfde voor vlocity_cmt__ApplicableSubType__c niet op de waarde Productkenmerk stond. Nadat we dit hadden opgelost, konden we de attributen toevoegen aan de design time layout.

Valkuil #7: Producten zonder Record type

Tijdens de migratie kwamen we erachter dat aan al onze producten geen recordtype was toegewezen.

DESKUNDIG ADVIES:

Nadat we de Product2-recordtypen beschikbaar hadden gemaakt voor de juiste profielen en machtigingensets, hebben we de producten gerepareerd, waarbij we het vlocity_cmt__Product-recordtype aan alle producten hebben toegewezen.

Theodoor’s conclusie

Hopelijk wil je na het lezen toch nog migreren naar de nieuwe Product Designer. Het kan veel werk zijn, maar de beloning is een nieuwe en gebruiksvriendelijke nieuwe Product Designer. In de huidige staat zal het de oude Product Console niet vervangen, maar voor 80% van je werk zou je goed moeten zijn met de Product Designer. Ik hoop dat dit artikel je zal helpen bij een succesvolle migratie naar de nieuwe glanzende Product Designer. Veel succes!

Ontdek meer diepgaande informatie over de oplossingen van Salesforce Industries hier of Neem contact met ons op voor meer informatie over succesvolle CPQ-implementaties.